Hoe moeten persoonsgegevens worden beveiligd volgens de AVG?

0 weergave

Volgens de AVG moeten persoonsgegevens adequaat beschermd worden. Dit kan door technieken als pseudonimisering en encryptie toe te passen. Essentieel is dat systemen continu betrouwbaar, ongeschonden en toegankelijk zijn. Daarnaast vereist de wetgeving dat organisaties in staat zijn om gegevens snel te herstellen bij eventuele incidenten, waardoor de continuïteit van de dienstverlening gewaarborgd blijft.

Opmerking 0 leuk

De AVG en de beveiliging van persoonsgegevens: Meer dan alleen techniek

De Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) stelt hoge eisen aan de beveiliging van persoonsgegevens. Het is niet voldoende om enkel te voldoen aan een minimale checklist; adequate beveiliging vereist een holistische aanpak die verder reikt dan de implementatie van technische maatregelen. Laten we dieper duiken in wat de AVG concreet vereist en hoe organisaties hieraan kunnen voldoen.

De AVG schrijft niet voor welke specifieke beveiligingstechnieken gebruikt moeten worden. In plaats daarvan benadrukt de verordening het principe van ‘adequate beveiliging’. Dit houdt in dat organisaties passende technische en organisatorische maatregelen moeten nemen om persoonsgegevens te beschermen tegen ongeoorloofde of onrechtmatige verwerking en tegen onopzettelijk verlies, vernietiging of beschadiging. Dit is een continu proces van risicoanalyse, implementatie en monitoring.

Technologische maatregelen: Technieken zoals pseudonimisering en encryptie zijn inderdaad belangrijke instrumenten. Pseudonimisering vervangt identificeerbare informatie door een pseudoniem, waardoor de link met de identiteit van de betrokkene wordt verbroken. Encryptie versleutelt de gegevens, waardoor ze onleesbaar worden voor onbevoegden. Maar dit zijn slechts enkele voorbeelden. Andere relevante technieken omvatten:

  • Toegangsbeheer: Het strikt controleren wie toegang heeft tot welke gegevens, gebaseerd op de ‘need-to-know’ principe. Rol-based access control (RBAC) is hierbij een effectief middel.
  • Firewall en Intrusion Detection/Prevention Systems (IDS/IPS): Bescherming tegen onbevoegde toegang van buitenaf.
  • Antivirus software en malware bescherming: Bescherming tegen kwaadaardige software.
  • Data Loss Prevention (DLP) tools: Voorkomen van het onbedoelde of kwaadwillende verlies van gegevens.
  • Back-ups en herstelprocedures: Het garanderen van data-integriteit en de mogelijkheid om gegevens snel te herstellen bij incidenten. Regelmatige tests van deze procedures zijn essentieel.

Organisatorische maatregelen: De AVG benadrukt eveneens de noodzaak van organisatorische maatregelen. Deze omvatten:

  • Gegevensbescherming door ontwerp en standaardinstellingen (Privacy by Design & Default): Beveiliging integreren in alle fasen van de ontwikkeling en het gebruik van systemen die persoonsgegevens verwerken.
  • Training en bewustmaking van medewerkers: Het informeren en trainen van medewerkers over de risico’s van gegevenslekkages en de procedures die moeten worden gevolgd.
  • Incident response plan: Een duidelijk plan voor het omgaan met beveiligingsincidenten, inclusief procedures voor melding en herstel.
  • Regelmatige beveiligingsaudits en -evaluaties: Het beoordelen van de effectiviteit van de beveiligingsmaatregelen en het identificeren van verbeterpunten.
  • Data Minimization: Alleen de gegevens verzamelen die strikt noodzakelijk zijn voor het beoogde doel.

Conclusie:

De AVG vereist een proactieve en geïntegreerde aanpak van gegevensbeveiliging. Het is niet voldoende om enkel technologische maatregelen te implementeren. Organisaties moeten een evenwicht vinden tussen technische en organisatorische maatregelen, aangepast aan hun specifieke risico’s en context. Regelmatige evaluatie, continue verbetering en een sterke focus op privacy by design zijn essentieel voor het voldoen aan de eisen van de AVG en het beschermen van persoonsgegevens. Het nalaten hiervan kan leiden tot aanzienlijke boetes.